Home » Happy 2020 » MSK brengt grootste tentoonstelling ooit over het genie Jan van Eyck
Cultuur

MSK brengt grootste tentoonstelling ooit over het genie Jan van Eyck

Jan van Eyck, 'Portret van Baudouin de Lannoy', ca. 1435 (voor en tijdens de restauratie)

Hoe revolutionair was de laatmiddeleeuwse schilder Jan van Eyck? En hoe onderscheidde hij zich van zijn tijdgenoten om de faam op te bouwen die hem nu nog altijd kenmerkt? Geen Vlaamse stad die zich beter leent voor een antwoord op die vragen dan Gent, de thuishaven van het wereldberoemde ‘Lam Gods’.

Tekst: Diederik Vandendriessche

Van 1 februari tot en met 30 april 2020 pakt het Gentse Museum voor Schone Kunsten (MSK) uit met een uitzonderlijke tentoonstelling: ‘Van Eyck. Een optische revolutie’, de grootste tentoonstelling aller tijden over deze unieke schilder. Van Jan van Eyck (ca. 1390-1441) zijn over de hele wereld slechts een twintigtal werken bewaard gebleven.

Tijdens ‘Van Eyck. Een optische revolutie’ brengt het MSK er alvast zeker de helft van samen, naast meerdere werken uit Van Eycks atelier en meer dan honderd topstukken van zijn tijdgenoten. Het uitgangspunt voor de tentoonstelling vormen de 8 gerestaureerde buitenluiken van ‘De Aanbidding van het Lam Gods’, die sinds 2012 in het MSK gerestaureerd werden.

Dialoog

Het gaat hier om een uitzonderlijke bruikleen van de Sint-Baafskathedraal. Na de tentoonstelling keren ze onverbiddelijk terug naar hun vaste stek in de kathedraal. De restauratie van het altaarstuk heeft nieuwe inzichten opgeleverd over de ongeëvenaarde werkwijze en het immense talent van Van Eyck. Om het genie van de schilder te contextualiseren, brengt het MSK de buitenluiken samen met ander werk van Van Eyck en werk van beroemde tijdgenoten, zoals de Italiaanse renaissanceschilders Gentile Da Fabriano en Fra Angelico. Zo komt een unieke, zeldzame dialoog tot stand.

Oog-handcoördinatie

De optische revolutie van Van Eyck bestond ten eerste uit de optimalisatie van de olieverftechniek. Hij voegde er siccatieven aan toe, een chemisch bestanddeel waardoor de verf sneller kon drogen en hij meerdere lagen op elkaar kon aanbrengen. Dat gaf ongeziene effecten van licht, diepte en structuur.

Daarnaast had hij een enorm observatievermogen en een niet aflatende interesse voor de wereld rondom zich. Zijn oog-handcoördinatie functioneerde zo goed dat wetenschappers zelfs zijn weergave van kraters op de maan perfect kunnen lokaliseren.

Tot slot had Van Eyck wellicht ook weet van de optische theorieën uit zijn tijd, waardoor hij bijzonder goed aanvoelde hoe licht werkt én die kennis kon omzetten naar schilderijen. Van Eyck slaagde er bijvoorbeeld in om bewegend water op een uiterst realistische manier weer te geven. Hij had vermoedelijk ook een opleiding als miniaturist genoten. In het MSK zijn er tijdens de tentoonstelling enkele prestigieuze handschriften met miniaturen te zien.

Primeur

Eén van hen bevat miniaturen toegeschreven aan de meester. Absolute pronkstukken van de tentoonstelling zijn ook Van Eycks ‘Portret van een man (‘Tymotheos’ – Léal Souvenir)’, rechtstreeks uit de Portrettenzaal van de National Gallery in Londen en ‘Portret van Baudouin de Lannoy’, een bruikleen uit de befaamde Gemäldegalerie in Berlijn. Beide meesterwerken zijn speciaal voor de tentoonstelling gerestaureerd en worden in primeur in hun nieuwe gedaante getoond tijdens ‘Van Eyck. Een optische revolutie’.

Next article